Wijnjaar 1998
Het wijnjaar 1998 in Bordeaux geldt als een klassiek voorbeeld van een “tweeledig” topjaar: uitzonderlijk op de rechteroever, maar wisselvalliger op de linkeroever. Algemeen begon het groeiseizoen goed, met een warme lente die zorgde voor een vroege en gelijkmatige bloei. De zomer verliep echter onregelmatig, met periodes van regen en relatief koele temperaturen, wat de rijping vertraagde en extra druk legde op wijnmakers om streng te selecteren. De beslissende factor kwam in september: een plotselinge weersverbetering met warm, droog weer—maar nét op tijd voor sommige druiven, en te laat voor andere.
Rechteroever
Op de rechteroever, met appellaties als Saint-Émilion en Pomerol, werd 1998 een groot succes. Hier domineren merlot-druiven, die vroeger rijpen dan cabernet sauvignon. Toen het mooie weer in september arriveerde, konden deze druiven optimaal profiteren van de extra zon en warmte. Het resultaat: wijnen met rijpe, weelderige fruitaroma’s, zachte tannines en een indrukwekkende concentratie. Veel 1998’s van de rechteroever worden beschouwd als klassiekers, met een lange levensduur en een opvallende balans tussen kracht en elegantie.
Linkeroever
Op de linkeroever, waaronder de Médoc en Graves, lag de situatie ingewikkelder. Hier speelt cabernet sauvignon de hoofdrol, een druif die later rijpt. De regenval en koelere omstandigheden eerder in het seizoen zorgden ervoor dat de druiven moeite hadden om volledig fenolisch rijp te worden. Hoewel het mooie weer in september hielp, kwam het voor sommige wijngaarden net te laat. De kwaliteit varieerde daardoor sterk per château. De beste producenten—met strenge selectie en goede terroirs—maakten gestructureerde, klassieke wijnen met bewaarpotentieel, maar minder rijp en uitbundig dan hun rechteroever-tegenhangers. Minder geslaagde wijnen kunnen wat groenere tonen en strakkere tannines vertonen.
Conclusie
1998 is dus een jaar waarin terroir, druivenras en timing cruciaal waren. Het wordt vaak onthouden als een van de beste merlot-jaren van de jaren ’90, terwijl het voor cabernet sauvignon meer een jaar voor kenners en liefhebbers van klassieke, strakkere stijlen is.
Een leuk feitje: sommige wijnmakers op de rechteroever grapten destijds dat 1998 “door merlot gered werd”. In Pomerol werd zelfs gesproken van een bijna perfecte oogst, terwijl collega’s aan de overkant van de Gironde nog nerveus naar de lucht keken—een mooi voorbeeld van hoe een rivier in Bordeaux soms een wereld van verschil kan maken. Daarnaast is het meest opmerkelijke verhaal van 1998 misschien wel de spectaculaire herwaardering van Château Cheval Blanc. Bij de eerste beoordeling door Robert Parker scoorde de wijn bescheiden 90–93 punten. Twintig jaar later werd diezelfde wijn door criticus Lisa Perrotti-Brown beoordeeld met een volmaakt 100 punten — een zeldzame sprong die bewijst hoe misleidend een jonge proef van een grote wijn kan zijn.